Individualiteit

Als het gaat om iemands individualiteit, iemands eigenheid, dan zal men over het algemeen zeggen dat die in het innerlijk ligt. Dat iemands karakter, persoonlijkheid, eigenschappen en talenten hem of haar tot een unieke persoon maken.
Het uiterlijk, en meer bepaald het lichaam wordt daarbij gezien als iets wat weliswaar per persoon enigszins verschilt, maar toch iets is dat alle mensen met elkaar gemeen hebben: qua lichaam zijn we allemaal (min of meer) gelijk…

Omgekeerd
Daarom is het verrassend dat enkele grote filosofen het schijnbaar precies omgekeerd zien: individualiteit ligt volgens hen in de lichamelijke en het gemeenschappelijke in de geestelijke kant van de mens!
Zo zegt Thomas van Aquino (1224/5-1274), in navolging van Aristoteles (384-322 v.Chr.) dat het de materie is die maakt dat het ene ding verschilt van het andere: de ene appel is de andere niet, het ene menselijke lichaam het andere niet, ook al zijn het allemaal appels, respectievelijk mensen.
De termen appels en mensen hebben weliswaar betrekking op materixc3xable dingen, maar zijn zelf immaterixc3xable, geestelijke "dingen", producten van onze denkende geest. Door Thomas worden zulke aanduidingen "vormen" genoemd, zodat gezegd kan worden dat het de materie is die de vorm individualiseert.

Kennis
Dit hangt samen met de manier waarop volgens Thomas onze kennis tot stand komt, namelijk doordat wij via onze zintuigen indrukken van de materixc3xable buitenwereld krijgen, die dan door ons verstand worden geordend en voorzien van een etiket, bijvoorbeeld: "appel" of "mens".
Als wij bij dat ordenen en dat "etiketteren" maar zuiver genoeg te werk gaan, dan moet dat in principe een bezigheid zijn die bij alle mensen op eenzelfde manier plaatsvindt of tenminste zou kunnen plaatsvinden.
Daarom is het geestelijke aspect in de zin van het verstandelijke en het rationele, datgene dat mensen gemeenschappelijk hebben en is het het materixc3xable en het lichamelijke dat mensen verschillend maakt.
Deze visie van Thomas van Aquino wordt bevestigd door Immanuel Kant (1724-1804), die zegt dat zekere kennis alleen mogelijk is door de combinatie van verstandelijke vormen en zintuigelijke waarnemingen.

Lichamelijk
Deze filosofen doelen in hun verhandelingen dus vooral op de verstandelijke kant van het innerlijk. De in het begin genoemde algemene opvatting doelt echter meer op gevoelsmatige en biologisch/psychisch bepaalde kanten daarvan. Karakter, persoonlijkheid, eigenschappen e.d. komen immers niet louter uit het verstand voort, maar zijn vaak veel meer bepaald door erfelijke eigenschappen en door wat een mens in zijn leven allemaal meemaakt. En dat wordt in de meeste gevallen meer op een lichamelijke, dan op een verstandelijke manier verwerkt.
Zo gezien is het dus al een stuk begrijpelijker dat iemands individualiteit door diens lichamelijke kant (met alle bijbehorende aspecten) bepaald wordt, in plaats van door diens geestelijke, lees: verstandelijke kant.

Gevoelens
Toch wordt ook vaak gezegd dat juist (lichamelijk bepaalde) gevoelens en emoties bij alle mensen gelijk zijn. Dat iedereen, waar en wanneer ook, dezelfde gevoelens van verdriet, boosheid, vreugde, angst en dergelijk kent en dat die gevoelens dus iets zijn wat mensen kan verbinden. Voorbeelden hiervan zijn de vreugde die kunsten zoals muziek oproepen, maar ook de (tegenwoordig wereldwijde) ontzetting als zich rampen voordoen.
Dit dan in tegenstelling tot de verdeeldheid, de conflicten en zelfs oorlogen die zouden voortkomen uit de meer rationale meningsverschillen op grond van verschillende politieke denkbeelden, ideologixc3xabn en religieuze leerstellingen.

Vluchtig
Ook deze zienswijze is te oppervlakkig. Ten eerste omdat emoties en gevoelens niet of nauwelijks te plannen zijn en daarom, hoe intens en heftig soms ook, vluchtig zijn. Hooguit kunnen ze een basis zijn voor een langduriger relatie, maar dat vereist dan weer een meer verstandelijke keuze daarvoor.
Ten tweede kunnen gevoelens niet alleen verenigen, ze kunnen ook heel sterk verdelen: denk aan boosheid, woede en haat. Zo zijn ze al te vaak ook de aanjagers waardoor op zich beperkte rationele meningsverschillen gemakkelijk uit de hand kunnen lopen.

Verstand
Dat conflicten het gevolg zijn van een rationele benadering, mag voor meer romantisch aangelegde en minder hoog ontwikkelde mensen misschien zo lijken, maar is toch zeker niet waar.
Want als we bijv. kijken naar de wetenschap, dan blijkt dat er wereldwijd vergaande overeenstemming bestaat over de te gebruiken methoden en criteria en dat men heel fatsoenlijk over verschillende inzichten weet te discussixc3xabren en uiteindelijk ook steeds weer tot algemeen aanvaarde theorixc3xabn komt.
Als dat mogelijk is voor het rationeel verwerven van kennis (wetenschap), dan moet dat in principe net zo goed mogelijk zijn voor het rationeel bepalen van doelen en middelen (ethiek, politiek).

Duurzaam
Probleem is dus niet zozeer een teveel aan rationaliteit, maar eerder een tekort daaraan. Bij ethische en politieke vraagstukken en problemen (kwesties die dus het gemeenschappelijke samenleven betreffen) spelen in de praktijk emoties en machtspolitieke eigenbelangen (die het lichamelijke en materixc3xable betreffen) namelijk een veel grotere rol als dat veel mensen (willen) denken…
Wanneer dus ook bij zulke vraagstukken men net zo rationeel en zakelijk zou redeneren en met elkaar zou overleggen als dat in de wetenschappelijke wereld gebeurt, dan zou ook in kwesties die het samenleven betreft, men tot verdergaande overeenstemming moeten kunnen komen, dan nu vaak het geval is…
Zulke meer rationeel tot stand gekomen overeenkomsten zijn, doordat ze uitstijgen boven al te tijdelijke eigenbelangen, ook een stuk duurzamer dan de vluchtige momenten van emotionele verbondenheid.

Conclusie
Zo zien we dus dat datgene wat iemand tot een individu maakt, vooral gelegen is in de lichamelijke aspecten van zijn of haar mens-zijn.
Dit betekent echter tegelijk dat het ook precies deze lichamelijke, materixc3xable aspecten zijn waardoor individuele mensen en groepen van mensen met elkaar in conflict kunnen komen: de ene mens is de ander niet en de behoeften en belangen van de xc3xa9xc3xa9n zijn vaak anders dan die van de ander.
Maar gelukkig hebben wij nog onze verstandelijke vermogens, waarmee wij, als wij ze maar goed en zuiver genoeg toepassen, met elkaar tot overeenstemming kunnen komen.
Dus waar wij lichamelijk, materieel van elkaar verschillen, kunnen we het geestelijk, verstandelijk met elkaar eens worden!

27 gedachten over “Individualiteit

  1. Henry David Thoreau moet in de dagen voor de telefoon, eens gereageerd hebben op het idee om een telegraaflijn aan te leggen tussen Main en Texas met de woorden: “….but what if Maine has nothing of significance to communicate with Texas?” Mobieltjes lijken mij best interessant, maar ik zou niet goed weten waar ik zoโ€™n ding voor zou moeten gebruiken โ€“ behalve dan de enkele keer dat een trein vertraging heeft en je graag wilt doorgeven dat je later komt.

    In lang vervlogen dagen had ik wel met portofoons te maken en daarvan was het merk Motorola. Die werden ook altijd “de motorala” genoemd (“Pak je even de motorola”) en de naam is voor mij daardoor zozeer een soortaanduiding geworden, dat ik eraan wennen moet dat er ook andere producten mee aangeduid kunnen worden. (Vroeger op de boerderij was er een werktuig dat we “de lelie” noemden, omdat het van fabriant Lely was en ik weet nog niet hoe ik het ding anders zou moeten noemen.)

    Maar jouw belangstelling is duidelijk universeler dan de mijne. Je draagt je naam niet voor niets!

  2. @ Thijs
    Waarom ik een Motorola-fan ben heb ik al een beetje uitgelegd in die eerdere log, waarnaar ik verwees… o.a. dus omdat Motorola een merk is dat niet iedereen heeft (je moet je toch een beetje onderscheiden, nietwaar?), Motorola wat meer aandacht schenkt aan het design, dan aan het zoveel mogelijk modellen op de markt brengen (hetgeen Nokia lijkt te doen) en omdat er bij Motorola ook de meeste geschiedenis achter zit: Motorola behoort tot de oudste fabrikanten van telecommunicatie-apparatuur, is op veel gebieden marktleider (zie de anecdote van Jan Dirk Snel) en bracht o.m. ook de eerste mobiele telefoon op de markt.

  3. Wees zuinig op deze uitvinding van de eeuw, vooral als het om water gaat. De mijne is zondag tijdens een fikse regenbui gaan zwemmen in m’n rugzak en vanaf die dag: dood! Men zegt dat na een paar dagen drogen er weer leven in gaat komen. Ik betwijfel het, aangezien het nu al 3 dagen is dat alle mogelijkheden hem aan de praat te brengen, tot dusver zijn mislukt. Triest, ik denk dat ik hem morgen maar inruil voor een ander, eentje die ik echt ga koesteren.

  4. Hรจ, mag je een hedendaags draagbare telefoon nog een GSM noemen? Was dat geen naam die met een vroegere techniek verbonden was? (Ik ben evidentelijk niet op de hoogte; dus het antwoord zou ook nee kunnen zijn.) Het valt me op dat een aantal jaren geleden iedereen het had over zijn GSM, terwijl nu iedereen het over zijn mobieltje heeft.

    In Duitsland heten – of heetten (ik weet niet of er daar iets veranderd is) – die dingen een Handy, een woord dat in het Engels bij mijn weten niet voorkomt. In in de USA had iedereen het een jaar of vijf geleden over een cellular phone, een uitdrukking die me zo lang en omslachtig leek, dat het voor de hand lag een kortere uitdrukking te verwachten, al weet ik niet of die er inmiddels ook is.

  5. Ja hoor, ook alle moderne mobiele telefoons zijn GSM-toestellen, of meer technisch gesproken: mobiele telefonie van de tweede generatie.
    De eerste generatie was analoog (denk aan de oude autotelefoons), GSM is digitaal.
    De huidige modellen hebben, naast de basismogelijkheid van GSM-communicatie (spraak en sms), bijna allemaal ook GPRS, wat een soort generatie 2,5 is en die ook datacommunicatie (internettoegang) mogelijk maakt.
    Nog slechts heel weinig toestellen zijn ook uitgerust voor communicatie in de derde generatie, vooral bekend onder de term UMTS.

    In Duitsland worden ze idd nog altijd “Handy” genoemd. Iets wat je in het Duits vaker ziet: dat ze als het ware zelf een Engels/Amerikaans aandoend bastaardwoord maken.
    In de VS spreekt men algemeen van “cell phone” of, nog korter, van “cell” zonder meer.

  6. Bedankt voor je antwoorden. Ik geef toe: ik had een en ander ook zelf na kunnen zoeken, maar ik reageerde spontaan.

    Ik zie nu dat Wikipedia meent dat mobieltje Noord-Nederlands is en GSM Zuid-Nederland, maar een aantal jaren geleden was dat, denk ik, nog anders.

    Ik zie dat M in UMTS voor Mobiel (of Mobile eigenlijk)staat en ik kan me voorstellen dat de aanbieders alvast voor dat woord gekozen hebben met het oog op de toekomst. Als je nagaat hoeveel er vijf jaar geleden te doen was over de UMTS-licensies, dan verbaast het een beetje dat het zo lang duurt voor dat systeem echt breed ingevoerd wordt.

    Ik heb een mobieltje niet zo hard nodig, denk ik, maar ik heb ook altijd iets gehad van: als ik de deur uit ben, wil ik ook vrij zijn van alle beslommeringen – en vind ik het dus ook niet onhandig om niet bereikbaar te zijn. Maar er zijn ook mensen die zo’n ding voor noodgevallen bij zich hebben en hun telefoonnummer aan weinigen geven – en dat is misschien wel het meest praktische gebruik.

  7. @ Arjan
    Nou… het oog wil ook wat hoor ๐Ÿ˜‰

    @ Jan Dirk Snel
    Laat ik nou zo iemand zijn als je in je laatste alinea beschrijft ๐Ÿ˜‰
    Wat UMTS betreft denk ik dat het net zo is als toen met die Internet- en “newconomy”-hype: in de roes van de boom zijn er investeringen gedaan waar, achteraf of in elk geval tot nu toe, niet echt iemand dringend op zat te wachten…

    GSM en GPRS/WAP voldoen prima aan wat mensen willen: bellen, berichten versturen en beperkt dataverkeer. Voor volledig internet is een mobiele telefoon eigenlijk ook niet echt praktisch: de integratie van alle functies in 1 apparaat is denk ik toch wat teveel futuristisch wensdenken…

  8. Je bent er zeker op vooruit gegaan! Goed zo… ๐Ÿ˜‰
    Heb sinds kort ook een nieuw toestel… had hiervoor een Motorola V3Razr… maar ik zweer nu toch bij de sony ericsson W800i… superfijn dingetje. Het is maar net met welk doel je m aanschaft ๐Ÿ™‚

  9. Oh, wat heerlijk dat je vaststelt dat de mens juist een tekort aan rationeel verstand heeft! Ook ik ben het hier mee eens. Zeker in het publieke debat mag men hier wel wat meer van krijgen, ten koste van het emotionele! Zie ook trouwens mijn weblog over vrijheid en het politieke debat daarover.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s