Weigerambtenaren…

In de ‘homowereld’ is er de laatste tijd nogal ophef over zo- genoemde weigerambtenaren. Daarmee worden ambtenaren van de burgerlijke stand bedoeld die weigeren om zogeheten homohuwelijken te sluiten.

Uitzonderingen
Deze ophef is ontstaan nadat in het nieuwste regeeraccoord werd vastgelegd dat ambtenaren zich "in goed overleg" kunnen distantixc3xabren wanneer zij bezwaren hebben tegen het voltrekken van een homohuwelijk. Daarbij is echter niet duidelijk gemaakt of dat voor alle ambtenaren van de burgerlijke stand geldt, of alleen voor diegenen die al in dienst waren toen op 1 april 2001 het ‘homohuwelijk’ werd inge- voerd.
Toendertijd was namelijk met de regering afgesproken dat ambtenaren die be- zwaar tegen het sluiten van zulke huwelijken hadden, dat niet hoefden te doen, maar dat voor alle nieuwe ambtenaren geen uitzonderingen meer zouden worden gemaakt. In de praktijk bleek echter dat er in diverse gemeenten nieuweambte- naren waren aangenomen die ook bezwaren hebben tegen het sluitenvan homo- huwelijken.

Campagnes
Daarop begon het COC een campagne waarbij onder meer gemeenten werden aangeschreven met de vraag of zij de namen bekend wilden maken van zulke "weigerambtenaren". Deze zouden dan bijv. geboycot kunnen worden door hete- roparen die zich solidair willen tonen met homo’s…
Voorts werd o.a. door Albert Verlinde via zijn tv-programma RTL Boulevard opge- roepen om een petitie tegen de weigerambtenaren te tekenen en zijn de betref- fende gemeenten in kaart gebracht onder het adres www.weigerambtenaren.tk.
Tenslotte wordt aanstaande zondag 1 april door het COC in Amsterdam zelfs nog een "manifestatie tegen weigerambtenaren" georganiseerd.

Triest
Ik vind deze ophef en met name de campagnes een bijzonder triest voorbeeld van fanatieke onverdraagzaamheid. Het aanleggen van lijsten van weigerachtige ambt- enaren is gewoonweg een methode die doet denken aan niets meer of minder dan wat de Nazi’s deden… Een associatie die het COC kennelijk totaal ontgaan is, ook al bleek het bericht later deels een misverstand te zijn…
Het is ook weer de zoveelste keer dat homo’s, in elk geval publiekelijk, laten blij- ken dat hun hand nooit gevuld is en dat zij nooit genoeg hebben. Er is een wettelijk ‘homohuwelijk’ mogelijk, maar in plaats van daar tevreden mee te zijn, eisen ze dat ook de gelovigen die daar moeite mee hebben daar liefst nog van harte aan meewerken. Toen christenen aan de macht waren werden homo’s vaak gediscrimineerd en gecriminaliseerd, maar nu de homo’s het tij mee hebben, doen ze omgekeerd eigenlijk nix anders…

Opgeblazen
De hele kwestie van de weigerambtenaren stelt goed beschouwd overigens weinig voor, maar is doelbewust enorm opgeblazen. Alleen al uit de kaart op www.wei- gerambtenaren.tk blijkt namelijk dat de gemeenten waar deze ambtenaren werken (tussen de 13 en 18% van het totaal), grotendeels samenvallen met de Nederlandse Bible Belt: gebieden waar voornamelijk strengere protestanten wonen.
Niet bepaald plaatsen dus waar veel homohuwelijken gesloten zullen worden. De kans op een homohuwelijk is in zulke gemeenten waarschijnlijk gewoon zo klein, dat het aannemen van een ambtenaar die daar bezwaar tegen heeft, in de praktijk geen enkel probleem zal opleveren.

Intern
De mogelijkheid van het sluiten van een homohuwelijk staat juridisch trouwens ook los van individuele ambtenaren. Het zijn de gemeenten die zo’n huwelijksslui- ting mogelijk moeten maken. Welke ambtenaar dat doet maakt dan niet uit: dat is een interne en arbeidsrechtelijke kwestie.
Het zal immers wel vaker voorkomen dat ambtenaren met elkaar ruilen voor het uitvoeren van een bepaalde taak. Dus als de ene ambtenaar geen homohuwelijk wil sluiten, dan is het slechts zaak ervoor te zorgen dat er een andere ambtenaar beschikbaar is die dat wel wil doen.

Discriminatie?
Er wordt dan wel geroepen dat zo’n weigerachtige ambtenaar discrimineert, maar dat is niet zo. Moreel gezien maakt zo’n ambtenaar misschien wel een onder- scheid waar niet iedereen het mee eens is, maar juridisch is er in zo’n geval geen sprake van discriminatie (hooguit een arbeidsrechtelijk probleem met de gemeente).
Bovendien is er ook pas sprake van "discriminatie" als een ambtenaar ook daadwerkelijk een keer een "homohuwelijk" zou weigeren te sluiten. Zolang zich dat nog niet heeft voorgedaan, en dat zal in zeer christelijke gemeenten niet gauw zijn, is zeggen dat je ertegen niet meer dan een vrije meningsuiting…

Ruimte
Al met al is er dus feitelijk helemaal geen probleem voor homo’s die willen trou- wen. Groepen als het COC kunnen het alleen kennelijk niet uitstaan dat er nog "achtergebleven" ambtenaren zijn die niet staan te juichen om eindelijk een homohuwelijk te sluiten…
Het is triest dat juist homo’s, die zelf de onderdrukking ervaren hebben, nu ken- nelijk geen ruimte willen geven aan mensen die niet net zo denken als zijzelf en het is triest dat namens homo’s op zo’n fundamentalistische manier eisen worden gesteld, in plaats van dat men pragmatisch is en gemeenten de ruimte te geeft om het intern, naar behoefte en per geval op te lossen…

Trots?!
Volgens COC-voorzitter Frank van Dalen zou de huidige situatie zelfs "onhoud- baar" zijn "in een land waar discriminatie verboden is" – "Het huwelijk voor paren van het gelijke geslacht is een verworvenheid van ons allemaal waar we trots op mogen zijn" aldus Van Dalen…
Dit staaltje demagogie gaat echter voorbij aan het feit dat iets waar je zelf trots op kan/mag zijn, heel wel in botsing kan komen met datgene waar anderen trots op zijn. In dit geval met bepaalde christelijke overtuigingen.
En dan is het de kunst om jouw trots niet anderen door de strot te duwen, maar je te beheersen en ook ruimte te laten voor dat waar zij trots op zijn. Want alleen dat maakt een diversiteit mogelijk waar we echt allemaal trots op kunnen zijn!

Advertenties

50 jaar Europa!

Vandaag is het precies 50 jaar geleden dat de basis werd gelegd voor de huidige Europese Unie!

Verdrag van Rome
Op 25 maart 1957 werd namelijk het Verdrag van Rome ondertekend, waarbij Nederland, Belgixc3xab, Luxemburg, West-Duitsland, Frankrijk en Italixc3xab de Europese Economische Gemeen- schap (EEG) oprichtten.
Dit verdrag werd ondertekend op het Capitool ofwel de Campidoglio in Rome, maar naar nu bekend is geworden, hebben de toenmalige regeringsleiders hun handtekeningen slechts onder een stapel blanco vellen papier gezet: de handmatige bewerkingen en vertalingen van de ontwerp- teksten waren nog niet op tijd klaar…

Integratie
Met fusieverdrag van 8 april 1965 werd de EEG met de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS) en Euratom samengebracht tot de Europese Ge- meenschappen (EG).
Verdere integratie en nauwere samenwerking werd bereikt via de Europese Akte van 1986 en het Verdrag van Maastricht uit 1992, waarbij de EG omgedoopt werd tot de Europese Unie (EU), de Europese Monetaire Unie (EMU) werd ingevoerd en gestreefd werd naar meer politieke eenheid.

Uitbreiding
De eerste Europese Gemeenschap bestond uit zes landen: Nederland, Belgixc3xab, Luxemburg, West-Duitsland, Frankrijk en Italixc3xab.
In 1973 traden Denemarken, Groot-Brittanixc3xab en Ierland toe, in 1981 Griekenland en in 1986 Spanje en Portugal, waarmee de EG toen 12 leden telde, evenveel als de sterren op de Europese vlag.
In 1990 werden West- en Oostduitsland herenigd en in 1995 traden Finland, Zwe- den en Oostenrijk toe.
In 2004 werd de Unie in xc3xa9xc3xa9n keer uitgebreid met 7 Oost-Europese landen en 2 Mediterrane eilanden en per 1 januari van dit jaar zijn tenslotte Bulgarije en Roe- menixc3xab toegetreden, waarmee de Unie nu 27 landen telt.

Grote steun
De Europese samenwerking, integratie en eenwording kan een groot succes worden genoemd: het is een grote prestatie geweest, dat landen die elkaar meer dan 500 jaar lang met steeds grootschaliger oorlogen hebben bestreden, tot vreedzame samenwerking en ontwikkeling zijn overgegaan.
Toch moeten er ook een paar nuances worden aangebracht: de Europese ontwik- keling zou namelijk niet zo goed mogelijk zijn geweest zonder dat de Verenigde Staten ons militair tegen het Oostblok zou hebben gesteund.

Kleine stapjes
Bovendien zou ook gezegd kunnen worden dat het gewoon past in de grote lijnen van de geschiedenis, dat nationale staten op een gegeven moment zichzelf ka- potmaken, desintegreren en er weer grotere en kleine verbanden gevormd worden…
Maar daartegen moet weer ingebracht worden dat grote ontwikkelingen altijd zijn opgebouwd uit heel veel kleine stapjes, uit alle kleinere en grotere moeilijkheden die stuk voor stuk moeten worden aangepakt en overwonnen een weg naar een doel, waar men het vaak ook al niet helemaal over eens is…

Zie ook mijn eerdere logs:
Straatsburg!
Europa – waarvandaan…?
Europa – waarheen…?
En ook:
Herdenkingseuro

Homo Economicus

Zoals homo universalis staat voor de universeel ontwikkelde mens, zo wordt de term homo economicus wel gebruikt voor de economisch denkende mens, de calculerende burger ook wel.

Voor en tegen
Over het algemeen hebben die termen geen onverdeeld positieve klank, sterker nog, het economische wordt vaak als het tegendeel van het menselijke gezien. Dit omdat geld soms meer stuk maakt dan ons lief is. De meesten van ons kun- nen zich daar wel wat bij voorstellen…
Inderdaad kan het economische veel stuk maken, maar net zo goed hebben we ook heel veel aan ‘de economie’ te danken. We kunnen immers niet zonder werk en inkomen, winkels en diensten, handel en productie en wat zou het leven zijn zonder huis, auto, computer, internet, leuke kleren, lekker eten…?
Aan het economische zitten dus zowel positieve als negatieven kanten. Dat geeft aan dat het economische zelf iets neutraals is, waar op goede en minder goede manieren mee kan worden omgegaan.

Economisch
Wat is dan precies dat economische? Volgens de gangbare definitie gaat econo- mie over de optimale verdeling van schaarse goederen en productiemiddelen. In strikte zin heeft dat betrekking op materixc3xable goederen (en ook diensten) die op geld waardeerbaar zijn (zodat we er makkelijk mee kunnen rekenen).
Eigenlijk is dat maar een zeer beperkte toepassing van het economische princi- pe. Het kan namelijk net zo goed op immaterixc3xable dingen worden toegepast, op intermenselijke relaties, op vriendschap en zelfs op godsdienst (getuige alleen al de term heilseconomie).

Ratio vs Gevoel
Regelmatig worden economische principes ook wel op die meer geestelijke ter- reinen toegepast, alleen stuit dat mensen dan vaak tegen de borst. Intermense- lijke relaties wil men niet door economische principes laten beheersen. Die zou- den de spontaniteit, de vriendschap, de liefde in de weg staan of zelfs kapotma- ken. Het zou namelijk te rationeel, te verstandelijk zijn, waar het eigenlijk om het gevoel zou moeten gaan.
Die visie is echter een typisch product van de romantiek uit de late 18e en begin 19e eeuw, waarbij men een nogal idealistisch onderscheid maakte tussen het ‘goede’ gevoel en het ‘slechte’ verstand. Vxc3xb3xc3xb3r die tijd was het echter wel heel nor- maal om bijv. in vriendschappen ‘economisch’ te denken en te handelen.

De principes
Maar wat zijn nu die economische principes, die zo veel breder toepasbaar zou- den zijn? Goed beschouwd gaat het om schaarste en wederkerigheid.
Schaarste betekent dat alle middelen beperkt zijn. Dat geldt niet alleen voor de materixc3xable middelen, die beperkt zijn omdat we daarvoor aangewezen zijn op onze ene enkele aarde, maar ook en misschien nog wel meer voor het immaterixc3xable middel tijd. Mogelijk is de tijd wel oneindig, maar onze tijd is dat zeker niet. Daar komt nog bij dat hoe meer materixc3xable middelen we tot onze beschikking krijgen, hoe minder tijd we daarvoor hebben…
Wederkerigheid is "voor wat hoort wat", geven en nemen. Wederkerigheid is daarmee waarschijnlijk het meest basale principe van het menselijk samenleven. Geen enkel mens kan namelijk helemaal in z’n eentje overleven, laat staan prettig leven. Ieder mens heeft daarom materixc3xable middelen en andere mensen nodig en dat noopt tot ruilen, tot geven en nemen.

Vraag en aanbod
De schaarste van goederen leidt ertoe dat er verschillen zijn tussen de hoeveel- heden van vraag en aanbod. Ook kan er een groter of kleiner verschil in waarde zijn tussen de prestatie en de tegenprestatie en kan de levertijd korter of langer zijn. Deze verschillen bepalen de prijzen en daarmee de dynamiek van de economie in strikte zin.
Dezelfde schaarste en verschillen doen zich echter ook voor bij immaterixc3xable mid- delen. Mensen hebben namelijk ook allemaal verschillende intellectuele, sociale, emotionele en spirituele capaciteiten en vaardigheden. Voor wat de xc3xa9xc3xa9n niet heeft, kan hij terecht bij degene die dat wel heeft. En dat noemen we dan geen economie, maar vriendschap in ruime zin.

Sociale economie
Ook op de intermenselijke contacten, verbanden en vriendschappen kunnen we dus de economische principes toepassen. Zo heel vreemd is dat niet, want eigenlijk weten we allemaal dat het in de relatie met andere mensen ook gaat om geven en nemen, om wederkerigheid. En ook weten we allemaal dat onze tijd en onze capaciteiten beperkt, schaars zijn.
In de ‘gewone’ economie willen we dat prijs en product precies in evenwicht zijn (liefst goedkoper) en dat er direct geleverd wordt. In de ‘sociale economie’ ligt dat wat moeilijker omdat ‘vraag en aanbod’ daar meestal niet zo goed op elkaar aan- sluiten. De verschillen tussen dienst en wederdienst en de tijd daartussen zijn groter: wie een vriendendienst levert, hoeft daar (per definitie) niet meteen iets voor terug te hebben. Dat komt wel een andere keer…

Ruimte
In de sociale economie is de tegenprestatie en de termijn daarvoor dan ook vaak onbepaald. Je hebt iets tegoed, alleen wat precies wordt later pas ingevuld. We kunnen dat ‘sociaal krediet’ noemen. Daardoor is er in de sociale economie veel meer ruimte dan in de ‘gewone’ economie, waar het de bedoeling is dat alles zo direct mogelijk geleverd wordt en zo precies mogelijk met elkaar in evenwicht is (lees: zo goedkoop mogelijk).
Deze ruimte is essentieel voor de sociale economie, lees: voor de sociale om- gang en vriendschappen. Als die ruimte te klein wordt, als men meer wil nemen dan wil geven, niet wil afwachten en alles wil ‘dichttimmeren’, dan wordt een relatie onleefbaar.
Anderzijds is het ook niet goed om alles op z’n beloop te laten. Als iemand jou een dienst heeft bewezen, dan moet je wel zo eerlijk en betrouwbaar zijn om dat niet nonchalant te vergeten, maar moet je tot een wederdienst bereid zijn als de ander die nodig heeft.

Conclusie
We hebben gezien dat er nix tegen is om een homo economicus te zijn, om economisch te denken op alle terreinen van het leven. Daardoor blijf je namelijk oog houden voor het juiste evenwicht tussen wat jezelf doet en wat anderen doen.
Wel is het van groot belang om daarbij in te zien dat er voor een leefbare omgang ook ruimte nodig is, die je kan crexc3xabren door niet alles hier en nu te willen vereffe- nen, maar door ‘sociaal krediet’ te geven en dat ook van anderen te accepteren…

Zomaar…

… een mooie foto…

… van een wegwijzer met een prachtig regenboogeffect.

Deze foto is enkele dagen geleden vlak bij mij in de buurt gemaakt door mijn collega-weblogger Pasula, die mij deze foto spontaan en welwillend ter beschikking heeft gesteld.

JumpStyle Dance

Een nieuwe rage onder de jeugd is op dit moment de JumpStyle Dance.
Deze dans/muziek is verwant aan de hardcore en daar hou ik op zich niet zo van, maar bij de JumpStyle zijn er elementen uit allerlei andere richtingen door gemixt, wat een frisse en levendige combinatie oplevert.
Als voorbeeld xc3xa9xc3xa9n van de talloze YouTube-filmpjes die er inmiddels al van zijn:

Kenmerken
De JumpStyle is eind jaren ’90 ontstaan in Belgixc3xab en is via Brabant naar Neder- land gekomen. In het begin het beschouwd als een variant het snellere en hardere Hardcore, maar al snel werd Jump een eigen stijl met een trager ritme (rond de 140bpm), vrolijkere melodiexc3xabn en sierlijkere danspassen, waardoor het ook wel wat wegheeft van breakdance en de kozakkendans!

Wie het zelf eens wil proberen kan tutorials vinden bij het YouTube-profiel van JumpingJob

Zie ook: www.jumpstyle.nl.nu

Mika

Een veelbelovende muzikale ster-in-wording van dit moment is Mika. Dat is de artiestennaam van de 23-jarige, in Liba- non geboren en nu in Engeland wonende, pianist, zanger en entertainer Mica Penniman.

Electrodisco
Mika heeft een heel eigen stijl, die een combinatie lijkt van de Scissor Sisters, Freddy Mercury, Queen en de Bee Gees.
Zijn eerste album heet Life In Cartoon Motion en is vorige maand verschenen met daarop o.a. de hitsingle Grace Kelly, waarvan hier de clip:

 

Extravagant
Qua vormgeving is zijn eerste album helemaal in de kleur- en fantasierijke stijl van de jaren ’70. Ook zijn persoonlijke optreden ademen de sfeer van die tijd: een weelderige haardos, ietwat vrouwelijke manieren en niet bang om extravagant uit de hoek te komen.Zie voor een leuke impressie daarvan zijn optreden in het Franse TV-programma Taratata:

 

Gay
Zijn hele stijl kan zonder meer als gay worden gedefinieerd en spreekt mij daarom wel aan. Over of hij ook zelf gay is, wil hij zich echter niet uitlaten, dus uit respect zullen we daarover dan ook maar niet speculeren.

Links
www.mikasounds.com
www.mikalife.fr
www.mikafan.nl

Provincieperikelen

Gisteren vonden de verkiezingen plaats voor de provinciale staten. De interesse daarvoor is de laatste decennia dermate gering geworden, dat er in toenemende mate vraagtekens bij het bestaansrecht en de rol van de provincies worden gezet.

Randstadprovincie?
Zo is er een plan om Noord- en Zuid-Holland, Utrecht en Flevoland samen te voegen tot xc3xa9xc3xa9n grote randstadprovincie om daarmee beter de (provincie)grens- overschrijdende problemen van die regio aan te kunnen pakken.
Dat de andere provincies dan wel erg in het niet vallen is daarbij nauwelijks aan de orde gekomen. Een oplossing die in de lijn ligt, zou dan zijn om Nederland in 4 grote landsdelen te verdelen: Noord, Oost, Zuid en Randstad.
Of dat de betrokkenheid van de burger zou vergroten is echter maar zeer de vraag, want zulke landsdelen zouden dan nog verder van iemands bed af komen te staan. Trouwe kiezers zijn immers vaak wat oudere mensen en die hebben van oudsher juist nog wel een band met de oude provincies…

Zelfstandige bestuursorganen?
Een andere optie is om van de provincies een decentrale rijksdienst te maken, een soort territoriale zelfstandige bestuursorganen (ZBO) dus. Op deze manier zouden de provinciebestuurders niet meer democratisch gekozen, maar door de centrale rijksoverheid benoemd worden.
Daarmee hebben zij geen democratische legitimatie meer, maar je moet je ook afvragen wat die legitimatie nog waard is, als nog niet eens de helft van de kies- gerechtigden hiervoor komt opdagen…
Bij deze optie kan ook de Eerste Kamer niet meer vanuit de provincie gekozen worden. Dus daarvoor moet dan ofwel een heel andere constructie worden be- dacht, ofwel moet de Eerste Kamer worden afgeschaft, zoals sommige mensen willen.

Derde optie
Een derde optie zou kunnen zijn om de provinciale staten te laten samenstellen uit vertegenwoordigers  van de gemeenten of ze door de gemeenteraden te laten kiezen. De burgers hebben nauwelijks interesse in de provincie, maar wel een stuk meer in hun gemeente. En de gemeenten hebben op hun beurt wel grote belangen bij het provinciebestuur.
Bij deze optie kan ook de Eerste Kamer blijven bestaan, maar dan dubbelgetrapt gekozen door de provinciale staten, die op hun beurt zijn aangewezen door de gemeenteraden.
Tenslotte is deze oplossing ook "historisch verantwoord", want oorspronkelijk waren de provinciale statenvergaderingen namelijk ook samengesteld uit (o.a.) afgevaardigden van de steden…