Rechten-inflatie

Niet alleen bestaat er inflatie die de waarde van het geld aantast, er bestaat ook een soort inflatie die de waarde van regels en wetten aantast:

1. Sinds de jaren ’60 van de 20e eeuw zijn de traditionele regels van religie en fatsoen zeer snel in onbruik geraakt. Toen men dat in de jaren ’90 als een probleem ging ervaren, bleek er eigenlijk nog maar 1 stelsel van regels te zijn dat nog enigszins algemeen erkend (en gehandhaafd) werd: het recht.
Gevolg was en is dat men allerlei dingen die vroeger op het terrein van religie of fatsoen lagen, nu met behulp van het recht wil regelen (juridisering). Probleem daarvan is dat men van de overheid (regering, justitie) dingen verwacht die niet waargemaakt kunnen worden, omdat het recht daar nu eenmaal niet voor bedoeld is.

2. Een belangrijke rol komt daarbij toe aan de grond- en mensenrechten. Deze worden steeds vaker op oneigenlijke wijze gebruikt, zelfs op het terrein waar vroeger de fatsoensregels golden: zo beroept men zich bijv. tegenwoordig op de vrijheid van meningsuiting, daar waar men zich vroeger uit fatsoen inhield. En zo zijn er meer voorbeelden van zulke horizontaal toegepaste grondrechten…
De graagte en de gedrevenheid waarmee deze rechten worden ingeroepen, maken ze zowat tot een nieuwe religie, die, compleet met eigen leiders, heiligen en martelaren, vooral gericht lijkt tegen alles wat conservatief, reactionair en religieus is.

3. Dat grond- en mensenrechten niet als fatsoensnormen of zelfs pseudo-religieus bedoeld zijn, blijkt duidelijk genoeg uit hun ontstaansgeschiedenis, die in het kort hier op neerkomt:
– de klassieke grondrechten (zoals briefgeheim, vrijheid van meningsuiting e.d.) zijn in de loop van zeg 500 jaar ontstaan als bescherming tegen de groeiende almacht van de staat.
– klassieke mensenrechten (zoals recht op privacy, gezinsleven e.d.) zijn in verdragen vastgelegd om de vreselijke inbreuken zoals onder het Nazi-regime te voorkomen.
– sociale grondrechten (zoals recht op gelijke beloning en op arbeid) zijn ontstaan in de softe jaren ’70 en zijn eigenlijk nooit erg hard geworden.

4. Een logische vraag zou nog kunnen zijn, hoe en waardoor de dingen die nu door grond- en mensenrechten geregeld worden (dus niet wat men er nu van wil maken), geregeld werden vxc3xb3xc3xb3rdat ze alszodanig werden vastgelegd:
– De klassieke grondrechten bouwen voort op privileges die de burgers allengs van een steeds machtiger overheid wisten af te dwingen. Toen overheden minder machtig waren, was er aan die rechten gewoonweg nauwelijks behoefte.
– De andere mensenrechten waren vroeger geregeld door de normen van het Christendom: het zgn. natuurrecht, dat weliswaar ook rechtsregels omvatte, maar vooral een stelsel van morele en fatsoensnormen was, waar zowel gewone mensen onderling (horizontaal) als hun leiders (verticaal) aan gebonden waren.

5. Al met al zien we dus de laatste jaren een versnelde inflatie van de diverse regels: in plaats van fatsoensregels beroept men zich op de wet en in plaats van op de wet op de grondrechten… en zoals bij alle inflatie het geval is, geldt ook hier dat door dit proces de waarde van de diverse regels alleen maar afneemt…

(zie in dit verband ook: “Rechtsfilosofie, een thematische benadering“)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s